Een cappuccino onderweg, een pizza met kaas of een toetje na het eten. Zuivel zit in veel producten. Sommige mensen merken dat producten met melk of room niet altijd even lekker vallen. Zij komen dan al snel uit bij lactase pillen. Maar wat is lactase precies en hoe gebruik je dit enzym?
Wat is lactase?
Lactase is een enzym dat je lichaam zelf maakt in de dunne darm. Het helpt bij de vertering van lactose. Lactose is een suiker die van nature voorkomt in melk en veel andere zuivelproducten.
Je lichaam breekt lactose met hulp van lactase af in kleinere delen. Die kunnen daarna worden opgenomen.
Bij sommige mensen maakt het lichaam minder lactase aan. Daardoor kan lactose minder goed worden verteerd. Dat heet ook wel lactose malabsorptie. Niet iedereen die lactose minder goed verteert, krijgt daar ook klachten van.
Wat zijn lactase pillen?
Lactase pillen zijn voedingssupplementen met het enzym lactase. Ze zijn ook verkrijgbaar als tablet, capsule of druppels.
Lactase verbetert de vertering van lactose bij personen die lactose moeilijk verteren. Daarom gebruiken sommige mensen een lactasepil bij een maaltijd of drankje met lactose, bijvoorbeeld bij melk, room, ijs of een gerecht met veel kaas.
De hoeveelheid lactose die iemand prettig verdraagt, verschilt per persoon. Ook bevat niet elk zuivelproduct evenveel lactose.
Wanneer gebruik je lactase pillen?
Lactasepillen gebruik je op het moment dat je iets met lactose eet of drinkt. Kijk altijd op de verpakking hoe je het supplement gebruikt. Daar staat ook hoeveel je per keer inneemt.
Sommige producten bevatten een vaste hoeveelheid lactase per tablet. Bij andere producten kun je de hoeveelheid aanpassen aan wat je eet of drinkt. Een groot glas melk bevat bijvoorbeeld iets anders dan een klein beetje melk in de koffie.
Gebruik lactasepillen niet als vervanging van een gevarieerd eetpatroon. Twijfel je of lactose bij jou een rol speelt? Vraag dan advies aan een arts of diëtist.
Verschil tussen lactase tabletten, capsules en druppels
Lactase is verkrijgbaar in verschillende vormen:
- Tabletten en pillen neem je in bij een maaltijd of drankje met lactose.
- Capsules werken op dezelfde manier. Bij sommige producten kun je de capsule openen en de inhoud ergens doorheen mengen.
- Druppels voeg je toe aan melk of een ander zuivelproduct. Daarmee kun je een product vooraf lactosevrijer maken.
Op de verpakking staat vaak ook een getal, bijvoorbeeld 4.500, 6.000 of 10.000 FCC. FCC staat voor de activiteit van het enzym. Het getal zegt dus niet hoeveel milligram er in een tablet zit, maar hoeveel lactase-activiteit het product levert.
Hoeveel lactase je nodig hebt, hangt onder andere af van de hoeveelheid lactose in wat je eet of drinkt. Ook verschilt het per persoon hoeveel lactose prettig wordt verdragen. Volg daarom altijd de gebruiksinstructie op de verpakking.
Welke vorm prettig is, hangt af van je dagelijkse situatie. Tabletten of capsules zijn handig als je buiten de deur eet. Druppels kunnen handig zijn als je zelf met melk of zuivel kookt en bakt.
In welke producten zit lactose?
Lactose komt vooral voor in melk en zuivel, zoals melk, vla, kwark, room en ijs. Ook kan lactose voorkomen in producten waarin melkbestanddelen zijn verwerkt, zoals sommige sauzen, soepen, chocolade en kant-en-klare gerechten.
De hoeveelheid lactose verschilt per product. Harde kaas bevat vaak minder lactose dan melk of room. Ook gefermenteerde zuivelproducten, zoals yoghurt, kunnen anders vallen dan gewone melk.
Lees ook: Lactose: wat is het en waar zit het in?
Kunnen lactase pillen bijwerkingen geven?
Lactasepillen zijn voedingssupplementen. De samenstelling verschilt per merk en product. Lees daarom altijd het etiket en de gebruiksaanwijzing.
Krijg je na het gebruik van een supplement onverwachte klachten of denk je dat je allergisch reageert op een ingrediënt? Stop dan met het gebruik en vraag advies aan een arts of apotheker.
Wanneer kun je beter advies vragen?
Buikklachten kunnen verschillende oorzaken hebben. Trek daarom niet te snel een conclusie op basis van één maaltijd of één product.
Maak een afspraak met je huisarts als je klachten lang aanhouden, ernstig zijn, je onbedoeld afvalt, bloed bij de ontlasting ziet of steeds meer voedingsmiddelen weglaat. Ook een diëtist kan helpen om te kijken hoe je gevarieerd kunt blijven eten.