Soms hoor je dat vitamines uit voeding ‘beter’ zijn dan die uit een potje. Maar klopt dat wel? Het antwoord is: dat hangt ervan af. De opname van een vitamine – ook wel biobeschikbaarheid genoemd – hangt af van meerdere factoren. Denk aan de vorm van de vitamine, wat je erbij eet en of het om een natuurlijk of synthetisch supplement gaat.
Wat is het verschil tussen natuurlijke en synthetische vitamines?
Natuurlijke vitamines komen voor in voeding, zoals groenten, fruit, vlees en vis. Synthetische vitamines worden in een fabriek gemaakt. Vaak zijn ze chemisch identiek aan de natuurlijke vorm. Toch wordt de ene vitamine beter opgenomen dan de andere, afhankelijk van de soort.
Welke synthetische vitamines worden goed opgenomen?
Voor sommige vitamines is de synthetische vorm zelfs beter beschikbaar voor je lichaam:
- Vitamine C (ascorbinezuur): De synthetische versie is hetzelfde als de natuurlijke en wordt net zo goed opgenomen.
- Foliumzuur (vitamine B11): Wordt beter opgenomen dan folaat, de natuurlijke vorm in voeding.
- Vitamine B5, B6 en B12: Ook deze B-vitamines worden goed opgenomen in supplementvorm. Bij B12 zijn met name methylcobalamine en cyanocobalamine effectief.
Wanneer is de natuurlijke vorm beter?
Soms werkt de natuurlijke vorm juist beter:
- Vitamine E (d-alfatocoferol): Wordt beter opgenomen dan de synthetische variant (dl-alfatocoferol).
Wat beïnvloedt de opname van een vitamine?
De vorm van de vitamine speelt een rol, maar er zijn ook andere factoren die de opname beïnvloeden:
- Inname met vet: Vetoplosbare vitamines (A, D, E en K) worden beter opgenomen als je ze samen met vet eet, bijvoorbeeld met een lepel olie, een handje noten of een volkoren boterham met margarine.
- Supplementvorm: Olie-opgeloste druppels worden vaak beter opgenomen dan tabletten of poeders.
Wat is de beste keuze?
Of je beter natuurlijke of synthetische vitamines kunt nemen, hangt af van de vitamine. Bij sommige vitamines is de synthetische vorm juist beter. Let vooral op de vorm en kwaliteit van het supplement, en combineer dit altijd met een gezond en gevarieerd voedingspatroon.
Veelgestelde vragen over natuurlijke en synthetische vitamines
Is natuurlijke vitamine C beter dan synthetische?
Nee, beide vormen zijn chemisch identiek en worden even goed opgenomen. Een supplement met ascorbinezuur werkt dus net zo goed als een sinaasappel.
Waarom is foliumzuur beter opneembaar dan folaat?
Foliumzuur heeft een hogere biobeschikbaarheid dan folaat uit voeding. Daarom wordt het aangeraden bij zwangerschap of als je zwanger wilt worden.
Is vitamine D2 ook goed?
Vitamine D2 wordt minder goed opgenomen dan D3. D3 (cholecalciferol) is daarom de voorkeursvorm in supplementen.
Wat betekent ‘biobeschikbaarheid’?
Biobeschikbaarheid betekent hoeveel van een voedingsstof daadwerkelijk in je bloed terechtkomt en door je lichaam gebruikt kan worden.
Zijn natuurlijke vitamines altijd beter?
Nee. Bij sommige vitamines is de natuurlijke vorm beter, bij andere juist de synthetische. Het hangt af van de soort vitamine en hoe je lichaam deze verwerkt.
Wat zijn voorbeelden van natuurlijke vitaminebronnen?
Groenten zoals spinazie, broccoli en wortels. Fruit zoals sinaasappels en kiwi’s. Ook vlees, vis en eieren bevatten vitamines.
Moet je supplementen altijd met vet innemen?
Alleen vetoplosbare vitamines zoals A, D, E en K. Voor wateroplosbare vitamines zoals C en de B-groep is dit niet nodig.
Maakt de vorm van het supplement uit?
Ja, soms. Vitamines in olie of druppelvorm worden vaak beter opgenomen dan tabletten.