Chloride is een mineraal dat van nature voorkomt in vrijwel alle voedingsmiddelen. Het is vooral bekend als onderdeel van keukenzout. Omdat we dagelijks via onze voeding zout binnenkrijgen, is de inname meestal voldoende.
Waar is chloride goed voor?
Chloride helpt om de vochtbalans in je lichaam op peil te houden. Daardoor speelt het ook een rol bij het regelen van je bloeddruk. Het werkt daarbij samen met natrium en kalium.
Daarnaast is chloride belangrijk voor:
- De aanmaak van maagzuur (zoutzuur), dat nodig is voor de vertering van voedsel
- Een goede werking van je spijsvertering
- Het doden van schadelijke bacteriën door het zure milieu in je maag
Waar zit chloride in?
De belangrijkste bron van chloride is keukenzout. Keukenzout bestaat voor ongeveer 60% uit chloride en voor 40% uit natrium. Omdat zout vaak wordt toegevoegd tijdens het productieproces, bij het koken of aan tafel, komt chloride in vrijwel alle voedingsmiddelen en dranken voor.
Check de pagina ‘Waar zit het in’ voor meer bronnen van chloride.
Hoeveel chloride heb je per dag nodig?
Volwassenen hebben 2,3 gram chloride per dag nodig. Zelfs als je weinig zout gebruikt, hoef je je geen zorgen te maken of je wel genoeg chloride binnenkrijgt.
De Gezondheidsraad adviseert om de zoutinname (natriumchloride) te beperken tot maximaal 6 gram per dag, om gezondheidsrisico’s zoals hoge bloeddruk te voorkomen. Die risico’s komen door te veel natrium, niet door te veel chloride.
Een overzicht van de chloridebehoefte tijdens alle levensfasen is te vinden bij ‘Hoeveel heb ik nodig’.
Symptomen van een chloridetekort
Een tekort aan chloride (hypochloremie) kan ontstaan als je veel maagzuur verliest, bijvoorbeeld door heftig of langdurig braken. Dit kan zorgen voor een verstoorde zuur-basebalans in je lichaam (alkalose).
Andere mogelijke klachten zijn:
- Problemen met de groei (vooral bij kinderen)
- Sufheid of slaperigheid
- Minder eetlust
- Buikklachten
- Je slap voelen of weinig kracht hebben
- Prikkelbaar of snel geïrriteerd zijn
- Ophoping van calcium in de nieren
Een tekort aan chloor komt bij gezonde mensen weinig voor. Het komt wel regelmatig voor bij patiënten op de intensive care (IC).
Oorzaken van een chloridetekort
Een tekort aan chloride ontstaat meestal door groot vochtverlies of verstoring van de zoutbalans in het lichaam. Mogelijke oorzaken zijn:
- Hevig of langdurig braken
- Ernstige of aanhoudende diarree
- Aandoeningen zoals de ziekte van Addison
- Aangeboren chloordiarree (een zeldzame darmaandoening)
- Ziekten aan lever of hart
- Metabole alkalose (verstoorde zuur-basebalans)
- Ziekte of opname op de intensive care
- Bij zuigelingen: voeding met te weinig chloride (dit komt nu niet meer voor)
In deze situaties kan het chloridegehalte in het bloed te laag worden. Vaak gaat dit samen met een tekort aan natrium.
Kun je te veel chloride binnenkrijgen?
Een hoge chloride-inname is meestal gekoppeld aan een hoge zoutinname. Om overmatige inname te voorkomen, wordt geadviseerd om niet meer dan 6 gram zout per dag te gebruiken. Te veel zout kan leiden tot vochtophoping (oedeem) en een verhoogde bloeddruk. Directe nadelige effecten van te veel chloride zijn niet bekend.
Veelgestelde vragen over chloride
Is chloride hetzelfde als chloor?
Nee, chloride is een verbinding van het element chloor met natrium of andere mineralen. Chloor op zichzelf is een gas dat schadelijk kan zijn. Chloride zoals dat in voeding zit, is veilig en nodig voor het lichaam.
Kan ik een tekort aan chloride krijgen als ik weinig zout eet?
Zelfs bij een zoutarm dieet is de kans klein, omdat chloride in veel producten voorkomt. Alleen bij extreem vochtverlies of een specifieke aandoening kan een tekort ontstaan.